anjahenke
 
David Hume

David Hume


SAMENHANGENDE VOORSTELLINGSWERELD

Ervaring speelt in het dagelijks leven een grote rol. In de geschiedenis van de filosofie heeft het zuivere denken vooral voorrang gekregen op de zintuigelijke ervaring.
De Schot David Hume (1711-1776) kwam tot de conclusie dat zowel het verstand als de ervaring geen solide waarheden geven. Hij zag het verstand als dienaar van gevoel en instinct en inspireerde Kant tot: “Het ding op zich kan ik niet kennen.”
Hume bracht het empirisme tot een hoogte punt en tevens tot aan het eindstation.

Het empirisme gaat ervan uit dat alle kennis van de werkelijkheid haar oorsprong in de ervaring heeft. Zo ging John Lock (1632-1704) ervan uit dat het menselijk bewustzijn een “tabula rasa” is, een schone lei of een leeg blad dat door waarnemingen beschreven wordt. En stelde George Berkeley (1685-1753) dat de werkelijkheid beperkt is tot datgene wat het bewustzijn voor ons toegankelijk maakt. “Esse es percepi” Bestaan is waargenomen worden. (in tegenstelling tot het waarnemen van iets omdat het bestaat)
Het empirisme was ingebracht tegenover het rationalisme dat meent dat er aangeboren begrippen zijn, ofwel voorstellingen die de geest niet door ervaring hoeft te verwerven.

Hume, als sceptisch empirist, stelt dat er in de geest alleen directe, duidelijke waarnemingen (impressions, indrukken) zijn of ideas (voorstellingen).
Voorstellingen zijn de indrukken die we hebben opgeslagen in een herinnering of een verbeelding. Een herinnering heeft een direct verband met de indruk. Een verbeelding heeft verschillende indrukken verbonden tot een samenhangende voorstelling, een gevleugeld paard kan dan tot de mogelijkheden behoren.
Ook de relatie oorzaak en gevolg valt in deze samenhangende voorstellingswereld. De ervaring leert ons dat bepaalde verschijnselen steeds samen optreden, maar op grond van een regelmaat in het verleden kan niet een noodzakelijk verband of de toekomst worden afgeleid.
De gewoonte verklaart het bestaan van een verwachting maar rechtvaardigd deze niet.

                                              

Zonder erg

veel moeite
gaat de één
volgt de ander

zonder erg
doet het ene
het andere niet laten

een vertrouwen
dat zonder erg
verstand laat dwalen